Tagarchief: Katinka Slump

Vragen aan de staatssecretaris

Welkom thuiszitters, we tellenLeerrecht voor alle kinderen in Nederland.

Dat is waar het om draaide op 1 oktober 2015. In Den Haag werden op die dag thuiszitters geteld. Thuiszitters? Ja, thuiszitters!

Thuiszitters zijn kinderen die op een school staan ingeschreven en (tijdelijk) thuis komen te zitten. Vaak gaat het hier om kinderen met specifieke onderwijsbehoeften op medisch, sociaal, intellectueel of emotioneel gebied. Het doel van de meeste ouders en kinderen in deze categorie is terugkeer naar school. Deze kinderen hebben geen vrijstelling van de leerplicht.

Voor ruim 16.000 kinderen is het zo dat ze geen onderwijs krijgen maar juist leerachterstanden oplopen omdat ze om bovengenoemde redenen niet naar school gaan en dus geen onderwijs krijgen – laat staan onderwijs dat past. Sommige kinderen zitten al jaren thuis. De oorzaak ligt in het vlak van specifieke onderwijsbehoeften waaraan scholen niet kunnen voldoen. Het startpunt ligt daarbij niet alleen in het kind, maar absoluut ook in de scholen zelf. Veel scholen willen of kunnen geen onderwijs bieden dat is aangepast aan individuele leerlingen. Ook Passend onderwijs heeft hier geen verandering in bewerkstelligd. Het is de taak van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om hier een einde aan te maken. Zowel ouders als scholen moeten beter voorgelicht worden over wat de mogelijkheden zijn en weten dat je het onderwijs aan mag passen aan de behoeftes van individuele kinderen. Hier leest u meer over thuiszitters.

Meer informatie over de manifestatie van 1 oktober 2015: http://ThuiszittersTellen.nl.

Programma

Programma manifestatie

Welkom uitgesproken door Juliëtte Mutsaers, lid oudercomité ThuiszittersTellen met rechts Katinka Slump.

Welkom uitgesproken door Juliëtte Mutsaers, lid oudercomité ThuiszittersTellen met rechts Katinka Slump.

Klik op het programma om deze te vergroten.

Deze dag heeft Katinka Slump, jurist en voorvechter voor onderwijsrecht, staatsecretaris Sander Dekker enkele vragen gesteld. Zijn antwoorden kunt u op een later moment via een verslag hier lezen. Rafael – thuiszitter – las zijn hartverscheurend gedicht aan de staatsecretaris voor.

Aanwezig op deze dag: ouders en ervaringsdeskundigen, de thuiszittende kinderen zelf, Loes Ypma (PvdA), Paul van Meenen (D’66), Tjitske Siderius (SP), Emile Roemer (SP), Karin Straus (VVD), Michel Rog (CDA), Rich van den Berg (directeur SWV Primair Passend Onderwijs), Carmen Heijligers (Landelijk Aktie Komitee Scholieren). Arnold Jonk Hoofdinspecteur Primair en Speciaal onderwijs en Floor Wijnands Inspecteur van het onderwijs/teamleider toezicht samenwerkingsverbanden passend onderwijs, waren ook aanwezig en zijn in gesprek gegaan met thuiszitters en hun ouders. Ook was er een afgevaardigde van Ouders & Onderwijs aanwezig. Paul Rosenmöler, bestuursvoorzitter van de VO-Raad, was helaas verhinderd.

Interview van de staatssecretaris Sander Dekker door Katinka Slump

Staatsecretaris Onderwijs Sander Dekker en Katinka Slump

Staatsecretaris Onderwijs Sander Dekker en Katinka Slump

1.  Op 25 november 2013, vond de afsluitende conferentie plaats van de Ecpo (Expertcommissie passend onderwijs). De voorzitter gaf aan dat ouders niet betrokken waren en docenten onvoldoende voorbereid. Het licht stond op oranje. Er werd gevreesd dat er ook na invoering van de Wet passend onderwijs nog steeds slachtoffers zouden vallen. Uit de zaal kwam de vraag aan u over een vangnet.

Een jaar na de invoering van passend onderwijs constateren we dat het passend onderwijs ons niet heeft gebracht wat we hadden gehoopt. U stelt uw doelstelling bij. Eerst was het: op 1 augustus 2014 alle leerlingen een plek. Nu wordt het: in 2020 geen kind langer dan 3 maanden thuis (AO 30/6, p.23)

Nu de vrees van toen waarheid is geworden, wat is uw vangnet voor de kinderen die nu nog steeds buiten de boot vallen? 

2.  Er komen meer aparte regelingen. Niet alleen wordt er een landelijke regeling opengesteld voor financiering van het onderwijs voor kinderen met een Ernstige Meervoudige Beperking (EMB) (AO 30/6, p.31), maar ook speciale regelingen voor kinderen die uit detentie komen of hier naar toe zijn gevlucht en zo snel mogelijk naar school moeten. Op 30 juni jl. zegt u in de kamer over deze bijkomende ontwikkelingen: “Wij hebben de vorige keer al gezegd dat de inwerkingtreding van de Wet passend onderwijs niet de afronding is, maar het begin.” (AO 30/6, p. 19).

Ik begrijp u niet. We hebben zeven jaar lang geïnvesteerd in de voorbereidingen van deze wet, hoezo is de wet het begin en niet het resultaat van dat proces?

Als jurist vraag ik u dan ook: “Hebben we nu een wet of niet?”

3.  U heeft gezegd: “In het eerste jaar is het misschien nog even wennen voor scholen, maar ik word minder tolerant naarmate de tijd vordert. De wet is hierover heel duidelijk. Als scholen daarin niet hun verantwoordelijkheid nemen hebben ze echt een groot probleem.” (AO 30/6, p.36)

Als ouders de Leerplichtwet overtreden volgt er direct straf, u bent daar heel duidelijk in. Daar geldt geen inlooptijd, met tot gevolg zo’n 11.000 strafzaken per jaar.

Welke straf krijgen de schoolbesturen in het tweede jaar passend onderwijs als zij de zorgplicht niet naleven, dus vanaf nu?

4.  U heeft toegezegd dat u de mogelijkheid van ouders om een school op te richten wilt verruimen. Daartegenover staat dat u de mogelijkheid op grond van artikel 5b Lpw, vrijstelling om thuisonderwijs te geven, wilt afschaffen. Ook als u de mogelijkheden om een school op te richten verruimt zal het voor ouders praktisch onmogelijk zijn om tijdig een nieuwe school op te richten voor hun kind. Het oprichten van scholen door ouders is een papieren mogelijkheid geworden.

Ik zie uw beleid dan ook als een verdere beperking van de rechten van ouders waar het gaat om de vrijheid van schoolkeuze in het kader van hun recht op opvoeding (artikel 2 EP EVRM).

Bent u het eens met mijn conclusie?

5.  Er zijn vele, vele kinderen die thuisonderwijs of afstandsonderwijs volgen. Soms omdat er geen school is die hen wil hebben. Soms zelfs met uw uitdrukkelijke instemming, zie de Miep Ziek contracten. Er zijn kinderen die thuis bijles krijgen van hun ouders of door een huisonderwijzer worden bijgespijkerd omdat er sprake is van onderwijsachterstanden. Al deze vormen van thuisonderwijs worden soms betaald door een school, soms door ouders.

Waarom al die pijlen gericht op die 450 kinderen met een vrijstelling onder 5b (geloofsovertuiging) terwijl thuisonderwijs niet meer is weg te denken binnen ons onderwijsstelsel?

6. U weet net als ik dat homeschooling zeer succesvol is in het buitenland. Ouders die er voor kiezen worden beloond met voorrang aan de beste universiteiten in Amerika. U blijft kiezen voor een schoolplicht voor alle kinderen omdat dat zou bijdragen aan hun sociale ontwikkeling. Kinderen die thuisonderwijs krijgen zouden in hun sociale ontwikkeling worden belemmerd. De stelling van u is nooit bewezen. Integendeel. Het blijkt dat juist scholen veel schade aanrichten aan een kind en dat de thuissituatie, wegens bijzondere omstandigheden, voor sommige kinderen een noodzakelijk rustpunt is.

Vanwaar uw angst voor thuisonderwijs?

7.  Op 30 juni jl. zegt u in de Tweede Kamer:
–  “Ik vind het nogal ingewikkeld om het geld voor maatwerkbudgetten bij de school weg te halen en direct aan ouders te geven dan wel in te zetten voor het particulier onderwijs.”

–  “Aan de ene kant geef je de scholen in het stelsel van passend onderwijs en in de samenwerkingsverbanden een manier om het erg makkelijk van zich af te organiseren.” (AO 30/6, p.24 en 25)

–  “Als je scholen de mogelijkheid geeft om die kinderen met een zakje geld naar een andere onderwijsinstelling te brengen wordt het scholen wel gemakkelijker gemaakt om tegen het te zeggen: ga met dat geld naar het particulier onderwijs.” (AO 30/6, p.27)

Als ik deze reactie van u lees dan krijg ik een unheimisch gevoel. Laten wij de kinderen bungelen omdat we de schoolbesturen moeten opvoeden? Wat blijft er nog over van de opdracht aan de overheid, het onderwijs als aanhoudende zorg van de regering (artikel 23 Grondwet)? Is het niet de taak van de overheid om ouders in staat te stellen om hun kinderen op te voeden? (EVRM en Kinderrechtenverdrag)

Krijgen de kinderen die thuiszitten van u geen onderwijsaanbod omdat dit past in uw beleid om de Zwarte Piet bij de schoolbesturen te leggen in de hoop het misbruik tegen te gaan?

8.  We hadden gehoopt dat de 10.000 leerbare en leerplichtige leerlingen binnen 8 weken na 1 augustus 2014, dus op 1 oktober 2014, op een school zouden staan ingeschreven. Dat is niet gelukt. Daardoor bespaart het ministerie van OCW zo’n 60 tot 100 miljoen, en mogelijk nog meer, op jaarbasis. Uw ambtenaren zeggen dat dit bedrag, het onderwijsgeld van de niet op scholen ingeschreven thuiszitters, niet is begroot.

Heeft u er dan al rekening mee gehouden dat deze kinderen ondanks de wet niet zouden worden ingeschreven?

Moeten we concluderen dat OCW over de ruggen van de leerlingen die nergens staan ingeschreven geld verdient zolang de Wet passend onderwijs niet effectief is, waarmee de prikkel voor het ministerie om de wet te handhaven enorm verslapt?

Videofragment, met dank aan Penny Holloway: 

Staatsecretaris Sander Dekker gaf aan: ‘als je thuis zit, geef het door aan de Onderwijsinspectie – dan gaan we er morgen mee aan de slag’. De ouders tellen zelf al de thuiszitters, maar moeten van Sander Dekker het nu zelf ook melden als het bestuur in de fout gaat. Een taak die bij de inspectie op het bord hoort te liggen, niet bij de ouders. De angst bij ouders om melding te doen is tot nu toe terecht gebleken, oa door meldingen bij de leerplichtambtenaar na melding door ouders. De staatssecretaris wil beter optreden tegen scholen die zich niet aan de wet houden.

Sander Dekker houdt daarbij vast aan onderwijs op scholen, er komt dus wat hem betreft geen ruimte om anders naar thuisonderwijs te kijken. Dit terwijl de onderwijspraktijk in het buitenland het succes van thuisonderwijs onderschrijft.

Er komt geen onderzoek naar verwijderingen door schoolbesturen en onrechtmatige verwijderingen zegt Sander Dekker ook, ‘de stroom gaat door’. Wel 11.000 rechtszaken tegen ouders! Waarom ouders beboeten als schoolbesturen weigeren thuiszitters aan te nemen. Liever thuiszitters zonder onderwijs dan maatwerk in het onderwijs zonder toezicht lijkt het standpunt van het ministerie.

Katinka Slump bepleit tevergeefs voor het ‘kwartje van Loes’ (Ypma), om de positie van ouders te versterken. Zij hebben immers de kennis van passend onderwijs.

Sander Dekker krijgt ter afscheid een telraam uitgereikt, zodat hij op zijn kamer alle thuiszitters nog een keer kan tellen.

Sander Dekker krijgt ter afscheid een telraam uitgereikt, zodat hij op zijn kamer alle thuiszitters nog een keer kan tellen. Op de slingers foto’s en verhalen van thuiszitters.

Conclusie over vandaag, na het toehoren van alle sprekers: we zijn op weg, de eerste stap richting verandering is gezet. We zijn er echter nog niet. Het is jammer dat Sander Dekker zich tijdens het gesprek verschuilt achter de belemmeringen van zijn eigen regelgeving. Aandacht voor maatwerk, duidelijk over de besteding van onderwijsbudgetten, geen Miep Ziek meer (zie *), ruimte voor kennis van de ouders over hun kind en passend onderwijs, ontschotting van het onderwijs, andere visie op thuisonderwijs, medezeggenschap en hoorrecht voor ieder kind en respect voor de Kinderrechten wet, is nodig. Er ligt nog veel werk. Er moet ruimte komen voor een meldpunt, waar indien mogelijk zelfs anoniem melding gedaan kan worden over misstanden in het onderwijs. Zodat ouders – zoals genoemd werd vandaag – niet meer geconfronteerd worden met de dreiging van uithuisplaatsing als ze een klacht indienen. Het recht op onderwijs moet in de wet worden opgenomen. Het onderwijs moet ook om het kind draaien. er moet ruimte komen voor thuisonderwijs. We moeten hierover verder met de staatsecretaris in gesprek, want thuisonderwijs is vaak juist wel in het belang van het kind. Lees hier waarom. Verandering mag niet stuklopen op regeltjes. We moeten samenwerken om te doen wat nodig is om het onderwijs voor IEDER kind passend te maken.

In de media
– NOS Duizenden leerlingen kunnen niet naar school.
– Hart van Nederland (SBS6) Moeders in de bres voor thuiszittende kids.
– Hallo Nederland (Max) Manifestatie ‘thuiszitters tellen’.
– Noord-Hollands Dagblad ‘Ik lig nu al 3 jaar op uw bureau’.
– Telegraaf – Niels wil naar school. ‘Ik ben heel ongelukkig thuis.’

*Miep Ziek: Constructies illegaal thuisonderwijs – ministerie ontkent ontduiking wet.

Thuis is Daphne Daphne

Dorien Kok
http://DorienKok.nl

Zeilen voor passend onderwijs voor thuiszitters

Ze zijn vertrokken, de zeilbroers. Zo als ze zelf zeggen om aandacht te vragen voor de ruim 16.000 kinderen die officieel thuiszitters zijn, vanuit hun positie dat ze zelf ook thuis zitten omdat er voor hun – hoogbegaafd en met dyslexie – geen school is.

16.000, mensen vragen mij regelmatig klopt dat getal wel. Want dan lees je weer 8500 of 3500.

Ja, het zijn zoals de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (mevrouw van Bijsterveldt) zelf aangeeft ruim 16.000. En dat zijn er voor het vorige schooljaar zelfs ruim 1600 meer dan in het schooljaar 2009-2010.

De cijfertjes, gegeven door de minister zelf*:

Thuiszitters cijfers 2009-2010-2011

 

Met het begrip «thuiszitters» bedoelt de minister leerlingen die wel op een school staan ingeschreven, maar langer dan 4 weken thuis zitten. Voor deze leerlingen is de school verantwoordelijk. Met «absoluut verzuim» bedoelt de minister leerplichtige kinderen/jongeren die niet staan ingeschreven bij een (al dan niet bekostigde) onderwijsinstelling. Deze kinderen/jongeren gaan niet naar school.

Wanneer beide gegevens worden opgeteld leidt dat tot een groep van 13 534 leerlingen die in het schooljaar 2010–2011 onterecht niet was ingeschreven op een school (absoluut verzuim), of wel was ingeschreven maar langer dan 4 weken thuiszat zonder geldige reden.

In het schooljaar 2009–2010 ging het om 12 060 leerlingen.

Als het aantal vrijstellingen hier nog bij wordt opgeteld, resulteert voor 2009–2010 een aantal van 15 024 en voor 2010–2011 16 641 leerlingen. (Hierbij wordt geen rekening gehouden met het aantal leerlingen dat in de loop van het schooljaar is teruggeleid naar onderwijs.)

Bij vrijstellingen heeft men het over kinderen die niet meer naar school hoeven omdat zij hier van vrijgesteld zijn. Deze kinderen zijn dan officieel niet geschikt voor school. Onder deze groep als nieuwkomer ook veel hoogbegaafde kinderen**.

Als je kijkt naar de achtergrond van het thuiszitten kom je uit op**:

1/3 hoogbegaafde kinderen

1/3 (potentiele) rugzakkinderen (ivm beperking en gedragsproblemen)

1/3 pubers (criminaliteit, drugs-, alcohol- problematiek bij het kind of de ouders, thuisproblematiek)

Voor ongeveer 8500 van de kinderen die vallen onder absoluut verzuim, kun je stellen dat er sprake is van boekhoudkundige uitschrijving ivm handelingsverlegenheid van de school, oftewel school weet niet wat ze voor deze kinderen moet doen. School helpt ze echter niet aan een school die dat wel weet en kan. De verantwoording ligt voor de minister echter bij de ouders en volgens haar dient de leerplicht hier actie op te ondernemen.

De verantwoording ligt volgens de minister dus bij de ouders. Als je echter bijvoorbeeld naar de situatie van de zogenoemde zeiljongens kijkt kun je niet anders dan concluderen dat de ouders gigantisch hun best doen om hun kinderen weer op school te krijgen. De oudste, maar ook de jongste zoon zat zonder onderwijs thuis. De jongste stond nog wel ingeschreven op school, maar was de toegang tot de lessen ontzegd. Voor de jongste  was de school wel verplicht om hem een onderwijsaanbod te doen omdat hij nog ingeschreven stond. De oudste was zoon van school verwijderd wegens handelingsverlegenheid van de school.

Het verweer van de school kwam er op neer dat zij vond dat zij genoeg had gedaan door de jongens voor verder onderwijs door te verwijzen naar een Rebound – een tijdelijke onderwijsopvang- voorziening voor leerlingen met heftige gedragsproblemen en naar een vmbo voor leerwegondersteunend onderwijs.

De ouders hadden plaatsing op de Rebound terecht geweigerd, omdat er van een gedragsprobleem geen sprake was. Ze hadden ook aangegeven dat het vmbo geen optie was, omdat hun jongens hoogbegaafd zijn. In antwoord daarop stelt de school dat het onderwijs in Nederland – op kostbaar particulier onderwijs na – nu eenmaal niet is ingesteld is op de begeleiding van leerlingen zoals hun zoon.

En nu komt het kromme: de school stelt dat het onderwijs in Nederland – op kostbaar particulier onderwijs na – nu eenmaal niet is ingesteld is op de begeleiding van dit soort kinderen en dus stelt de leerplichtambtenaar dat het aan de ouders te wijten is dat de leerling thuis zit. Begrijpt u het nog? Ik niet. En zo ken ik meer gezinnen bij wie er sprake is van een soortgelijke situatie: school faalt en de de verantwoording van dit falen komt op het bord van de ouders te liggen.

Het gevolg: rechtszaken zoals deze en ook  gezinnen die emigreren naar landen waar het onderwijs voor deze kinderen beter geregeld is of waar er ruimte is voor het geven van thuisonderwijs.

Ook andere gevolgen: de maatschappij wordt bijvoorbeeld ook op kosten gejaagt. Geschatte kosten zeiljongens aan procedures, kosten advocaat school, kosten gefinancierde rechtshulp ouders, bijstand Jeugdzorg en onderzoek Raad voor de Kinderbescherming richting 100.000 Euro.

Voor de zeiljongens had het verhaal nog een vervelend bijkomend staartje: 2 dagen voor vertrek besloot Jeugdzorg dat de ouders niet goed voor deze jongens zorgden en werden de ouders voor de rechter gesleept.

Jeugdzorg benadrukte dat de ondertoezichtstelling niet alleen om de zeilreis gaat***. “Er is sprake van een impasse. De ouders zeggen dat er geen enkele school voor de jongens is, maar wij denken dat ze wel degelijk ergens terechtkunnen. Met een ondertoezichtstelling willen we het gezin helpen om alsnog een school te vinden.” In dat geval krijgen de jongens een gezinsvoogd en wordt de macht van de ouders beperkt.

Kan iemand mij uitleggen waarom de aanstelling van een gezinsvoogd en een beperking van de macht van de ouders wel een passende school op kan leveren als scholen aangeven handelingsverlegen te zijn? Daarbij: tijdens de zeilreis zitten de kinderen op school, de Wereldschool. Een voorwaarde voor deze school is echter dat de lessen niet gevolgd worden binnen de Nederlandse landgrenzen. Vandaar de zeilreis.

Het klinkt leuk, lekker niet naar school – thuiszitten. Idem voor de zeilreis.

Thuiszitter zijn is echter niet leuk: je raakt je vrienden en leefritme kwijt. Je voelt je buitengesloten, aan de kant gezet. ‘Ik mankeer wat’. Daarbij lopen de kinderen een leerachterstand op. Ouders die afdoende geld hebben kunnen nog kiezen voor de optie particulier onderwijs. Deze optie is er echter niet voor de meeste ouders.

Wat moet er eigenlijk gebeuren:

  • Zelf werk ik veel met kinderen die leerproblemen hebben en nu met succes staande blijven in het schoolsysteem als ik met hun aan de slag ben geweest. Als ik dat kan kunnen anderen dat ook. Wel zie ik duidelijk verschil bij kinderen waarbij de school hun steunt in de andere aanpak die ik bied en de scholen die dit niet willen, om welke redenen dan ook. Ik zie de kinderen, op de basischool of al in het Voortgezet Onderwijs groeien: in hun leren, gedrag en levenshouding. Ze kunnen het en willen het, hebben soms alleen inzicht en tools nodig voor hun leer- en gedragsproblemen.
  • De minister geeft aan dat de Rijksbegroting gebaseerd is op ingeschreven leerlingen. Het aantal leerlingen dat niet is ingeschreven heeft dus geen overschot op de Rijksbegroting tot gevolg zegt ze. Er is echter sprake van een bepaald aantal leerplichtige leerlingen per jaar. Vallen de dossiers van de absolute thuizitters uit de tas van de minister als ze de telling voor de Rijksbegroting afleverd? De overheid houdt per jaar 80 miljoen over aan de kinderen die ‘absolute thuiszitters’ zijn. Ze staan immers niet ingeschreven bij een school. Voor de relatieve thuiszitters (wel ingeschreven bij een school, niet aanwezig) geldt dit ook: school krijgt geld, maakt echter geen kosten voor dit thuiszittende kind. Dat geld zou eigenlijk in een nog op te richten fonds gestopt moeten worden en gebruikt moeten worden voor re-integratie van de thuiszitters en om de leerachterstand weg te werken. De Onderwijs inspectie kan er op toe zien dat dit correct gebeurt en er voor zorgen dat scholen echt alles uit de kast halen om er voor te zorgen dat ze hun verantwoording nemen. Hardop de vraag stellen: waarom is dit kind van school verwijderd. Scholen worden daarbij gehinderd door de 1 oktober regeling: voor later intredende voormalige thuiszitters krijgt een school geen geld. Scholen doen ook aan selectie aan de poort.
  • Bij de zeiljongens zijn de kinderbelangen niet goed behartigd door Jeugdzorg. De rol van Jeugdzorg hoort kindbeschermend te zijn. Jeugdzorg hoorde de kinderen en ouders te steunen door bij school de vraag neer te leggen: waarom is dit kind van school verwijderd of waarom mag dit kind niet op uw school komen en eventueel de gang naar de rechter te maken en school aan te klagen voor deze kinderen en ouders.

De Kinderombudsman opende maandag 27 augustus een online meldpunt op http://www.dekinderombudsman.nl, waar kinderen die niet naar school gaan hun ervaringen kunnen vertellen. Ook ouders, leerkrachten, onderwijsconsulenten en andere professionals, die ervaringen hebben met een kind dat (tijdelijk)  niet naar school gaat, worden uitgenodigd dit te melden.  Kinderombudsman Marc Dullaert gebruikt de meldingen voor zijn onderzoek naar de toegang tot het onderwijs in Nederland. Het meldpunt blijft drie weken geopend.

Ik zou zeggen: hijs de zeilen en aan de slag!

UPDATE 21 december 2012: De zeilbroers Enrique (15) en Hugo (13) zijn door de rechter onder toezicht gesteld van Bureau Jeugdzorg.  De uitspraak is een enorme schok voor de ouders van de jongens. Vader: “Ik ben mijn geloof in het Nederlandse rechtssysteem helemaal kwijt”. Volgens onderwijsjuriste Katinka Slump, die de jongens en hun ouders bijstaat, krijgt Jeugdzorg een onmogelijke opdracht nu de jongens onder toezicht zijn gesteld. Het probleem ligt namelijk niet bij de ouders van de twee, maar bij de tekortschietende schoolbesturen en het falende onderwijsbeleid, zo stelt ze.Enrique en Hugo zijn nog steeds bezig met hun zeilreis. (Bron HvN)

Bronnen

* Vragen van het lid Çelik (PvdA) aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap over de cijfers met betrekking tot het aantal thuiszittende kinderen dat geen onderwijs krijgt (ingezonden 29 maart 2012): Antwoord van minister Bijsterveldt-Vliegenthart (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) (ontvangen 14 mei 2012). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2011–2012, nr. 2289.

** Onderwijsadvocaat Katinka Slump en onderzoek De Dunne Lijn van Harold van Garderen en Auke van Bremen.

*** RTV N-H http://www.rtvnh.nl/nieuws/85979/Zeiljongens+niet+onder+toezicht